Plekgebrek

blog bless messKort nadat wij begin 2005 ons huis op de Kajak kopen, ontdekken we dat we in verwachting zijn van een tweeling. We verhuizen als ik acht maanden zwanger ben. In een week tijd wordt ons huis bewoonbaar gemaakt. We hebben niet veel tijd en niet veel geld, dus we houden het simpel. De enige investering in ons nieuwe huis, is de vloer van vinyl. Wel zo comfortabel met twee peuters en twee baby’s in huis. Verder sausen we wat muren en we halen een doekje door de keukenkastjes. Klaar. Ik zeg ‘we’, maar eigenlijk is het ‘ze’. Zussen, broers, ouders en vrienden. Want ik zit met mijn enorme buik op een keukenstoel en kijk toe. De meisjes worden eind 2005 geboren en we voelen ons de koning te rijk. In nog geen drie jaar tijd verandert onze situatie van met-z’n-tweeën-op-een-flat, naar met-z’n-zessen-in-een-heus-huis. Het leven op de Kajak is chaotisch, maar heel goed. Als ik vanuit mijn keukenraam het speeltuintje inkijk, voelt het alsof ik op vakantie ben. We krijgen gezellig contact met de buren en als buurvrouwen zitten we op zonnige dagen uren te kletsen op het bankje in het speeltuintje. Als de postbode voorbij komt, mopperden we quasi overspannen dat ons leven zoooo zwaar is… In ons blokje van zes huizen verdubbelt het aantal kinderen in negen jaar tijd van zeven naar veertien. Een gezellige bende! We organiseren buurtfeesten en straatspeeldagen en op Burendag beplanten we in overleg met de gemeente ‘ons’ plantsoentje. Op warme dagen ontstaan er spontane watergevechten en de laatste jaren gebeurt het steeds vaker dat de kinderen zélf van alles organiseren; kleedjesmarkten op het kunstgras, speurtochten door de buurt en spelletjesmiddagen op het veldje. Een geweldige straat om in op te groeien. Onze voordeur staat eigenlijk altijd open. Zelfs als we niet thuis zijn. Maar dan is er altijd wel een aardige agent die even poolshoogte neemt en de boel afsluit. Staat de deur niet open, dan hangt er een touwtje uit de brievenbus, zodat je jezelf kunt binnenlaten. En dat gebeurt hier dan ook. De deurbel kan eigenlijk wel op Marktplaats. Niet nodig.
Waarom dan toch verhuizen, vraag je je af? Nou, dat heeft een heel praktische reden. Terwijl onze kinderen groeien, lijkt ons huis te krimpen. Het huis op zich past, maar een beetje meer ruimte beneden, daar droomde ik van. Soms letterlijk. Dan werd ik wakker en dan dacht ik als ik beneden kwam: ‘Hè? We hadden toch een stuk aan ons huis gebouwd? Een bijkeukentje voor de skeelers en een extra kamer voor kinderen…?’ Het gebeurt regelmatig dat alle vier onze kinderen één of meer vriendjes meenemen uit school. Geweldig! Ik maak dan een grote kan limonadesiroop en gooi een rol koekjes op tafel. Hoe drukker hoe beter. Beetje improviseren. Als al die kinderen dan de woonkamer overnemen, omdat het beneden veel gezelliger is dan op de slaapkamers, trek ik me terug aan mijn keukentafeltje. Tjonge, wat heb ik veel tijd doorgebracht aan mijn keukentafeltje… Maar goed, als dat in het weekend gebeurt, een kamer vol kinderen en mama aan de keukentafel, zie je Richard steeds vaker een beetje verdwaasd met z’n e-book onder z’n arm door het huis lopen, op zoek naar een rustig plekje om te lezen. Hij werkt hard en veel, dus in het weekend moet hij bijkomen. Vind ik. Toen we een paar straten verderop een groter huis te koop zagen staan, zijn we daar een kijkje gaan nemen. We waren niet op slag verliefd. Nee, echt niet. We zijn niet veeleisend, maar het plafond, de muren, de bar en de grote open haard zouden we moeten aanpakken. Slopen, breken, stucen, verven… Alles. Maar dat woog niet op tegen de extra ruimte beneden. Vanuit de achterdeur stap je in de bijkeuken, waar ruimte is voor een extra vriezer en koelkast. Geloof me, die kunnen we gebruiken. Vanuit de bijkeuken stap je binnendoor zo de garage in. Nu nog garage, maar als er laminaat ligt, de muren zijn gedaan en de verwarming aan staat, is het het domein van de kinderen. Ze kunnen er Wii-en, met Barbies spelen, muziek maken, repetities leren en Minecraften. Ik stel me zo voor dat er een grote, versleten bank komt te staan. Zitzakken op de grond. Een plek om te hangen met vrienden en vriendinnen. Als je de bijkeuken aan de andere kant uitstapt, sta je in de serre. Een lichte ruimte waar een tweezits bankje én mijn geliefde keukentafel in past. De wand van de serre kan helemaal worden opengeklapt, dus zodra de temperatuur iets oploopt, zetten wij de deuren open en de bloemetjes buiten. En dan heb ik het nog niet gehad over de ruime woonkamer. Ik zie Richard daar al languit op de bank in alle rust van z’n boek genieten, terwijl ik met een kan siroop en een zak chocoladepepernoten naar de garage loop, omdat de jongens die daar op de Wii zitten en de meisjes die met de Barbies spelen, zin hebben in wat lekkers. Ik breng Richard dan nog een kopje koffie en trek mezelf met een mok koffie verkeerd, een reep chocola, een stapel tijdschriften en m’n wifi terug in de serre. Ik zie het wel zitten!
Het is de bedoeling dat het ook op het Karveel een soort inloophuis wordt. Dat weet Richard nog niet, maar daar kan hij wel mee leven. Een plek waar iedereen zich welkom voelt. Dat komt wel goed, denk ik. Het heeft meer te maken met wie er in het huis wonen, dan waar het huis staat.
Een nieuwe fase in ons leven. De tijd staat niet stil. Soms moet je het bekende durven achterlaten. De afgelopen jaren zijn er buren verhuisd. Afscheid nemen maakt me verdrietig. Wat was, is niet meer. Ik ben dankbaar voor de afgelopen negen jaar. Dat we een geweldige plek hadden om te wonen. En ik verheug me op de komende jaren, waarvan ik absoluut niet weet wat ze zullen brengen. Ik zie het vol vertrouwen tegemoet.
Nog tien nachtjes slapen, dan gaan we verhuizen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *