Maandelijks archief: december 2015

Zelfbeeld vs. spiegelbeeld

dove

Ik ben niet dik. Ik ben een beetje stevig misschien, maar niet dik. Mijn zelfbeeld klopt aardig. Ik weet mijn sterke en zwakke kanten te benoemen. Tenminste, dat hou ik mezelf voor.
Laatst zag ik mezelf op bewegend beeld en sindsdien twijfel ik over hoe realistisch mijn zelfbeeld is. Wat ik zag op dat filmpje, komt totaal niet overeen met hoe ik eruit denk te zien. Schokkend. Echt. Ik dacht, als ik niet eens weet hoe mijn buitenkant eruitziet, hoe weet ik dan wie ik van binnen echt ben? Klopt mijn zelfbeeld eigenlijk wel? Het totaalbeeld?
Ik ben dik. Niet een beetje stevig, maar gewoon dik. Het is niet anders. Het kán ook niet anders. Ik ben 1,63 lang en ik weeg 107 kilo. Die kilo’s moeten érgens zitten. Zware botten daargelaten. Tegen mezelf jok ik dat de kilo’s mooi zijn verdeeld over mijn hele lijf. En dat je daarom niet ziet dat ik zwaar ben. Een beetje naïef. Ik ben teleurgesteld in mezelf. Ik baal ervan dat ik de werkelijkheid zó verdraaid heb.
Jammer dat ik me laat beïnvloeden door het vrouwbeeld dat de media neerzetten als standaard. Ik vind het heel stom en meisjesachtig dat ik aan dat beeld wil voldoen. Daar baal ik van. Maar de druk is groot en ik ben blijkbaar niet sterk genoeg om weerstand te bieden.
Ik wil niet dom gevonden worden. Het zijn vooral mannen en vrouwen uit lagere sociale klassen die te dik zijn. Ze lijken zich minder bewust van het belang van gezonde voeding. En daarbij, junkfood is veel goedkoper dan groenten en fruit.
Misschien ben ik wel helemaal niet leuk als ik 70 kilo weeg. Misschien ben ik minder knuffelbaar voor mijn kinderen. Geluk, dat is tevreden zijn met wat je nu hebt, met wie je vandaag bent. Stel dat ik een enorm chagrijnig mens word als ik ga afvallen? Misschien hoort dit gevecht met mijn lijf wel bij mij. Houdt deze strijd me in balans. Ik zou kunnen proberen een rolmodel te zijn voor andere dikke vrouwen. Mollig, mooi en zelfbewust.
Maar ja, door mijn overgewicht wordt veters strikken lastig. Mijn conditie is slecht. Tegen de wind in fietsen kost erg veel energie. Extreem overgewicht is niet gezond. Sterker nog, het is een belangrijke doodsoorzaak. Mijn relatie met eten is onstuimig en ingewikkeld, maar scheiden is geen optie. Als ik een Bourgondiër was, lagen de zaken anders.
In 2016 ga ik proberen om mijn zelfbeeld meer op één lijn te krijgen met mijn spiegelbeeld. Dat kan op twee manieren. Ik zou het vreselijk stoer vinden als ik dat beeld in mijn hoofd 30 kilo zou laten aankomen. Als ik mijn lijf met overgewicht zou leren omarmen. Dat is, geloof me, níet makkelijker dan de andere manier: in werkelijkheid 30 kilo afvallen.
Misschien moet ik gaan voor de middenweg. Ik hou van middenwegen en haalbare doelen. Als ik de Lilian in mijn hoofd 15 kilo laat aankomen en in werkelijkheid val ik 15 kilo af, dan komt mijn zelfbeeld weer aardig overeen met de werkelijkheid. Dan kan ik gewoon met mezelf door één deur en schrik ik niet van mijn reflectie in een winkelruit.
Ik ga ervoor. Niks mis met mollig.

Johannus

memory lane

Ik was 19 toen ik bij Johannus Orgelbouw ging werken. Met mijn Schoeversdiploma op zak kon ik direct aan de bak. Als export-secretaresse onderhield ik de contacten met onze Europese klanten. Ik herinner me Mr. Stahle uit Zweden, die niet goed was in Engels en daardoor onbedoeld grappige faxen stuurde. En David Clegg, onze dealer in Engeland, een man op leeftijd die mij door de telefoon altijd ‘love’ noemde, alsof ik zijn kleindochter was. ‘Hello love, bye love.’
Een keer mochten mijn collega Kristin en ik mee naar Frankrijk voor een orgelconcert dat monsieur Lenglet, onze Franse dealer, had georganiseerd. Wat we niet wisten, was dat het concert een soort fundraiser was om geld in te zamelen voor het afbouwen van de oude kerk waarin het concert plaatshad. De kille winterse wind waaide door alle gaten en kieren van het oude gebouw. Kristin en ik zaten te vernikkelen in onze keurige mantelpakjes. Gelukkig was onze collega Dirk zo galant om zijn warme jas aan ons af te staan. Met de jas over onze knieën overleefden we het concert zonder blaasontsteking op te lopen.
Johannus Orgelbouw was destijds gevestigd aan de Morsestraat in Ede. Als er in dat oude pand een kerstconcert werd gegeven, waren we als medewerkers een halve dag bezig met het versieren van de concertzaal. Kort voor het concert begon, als de zaal langzaam vol stroomde met genodigden, staken Kristin en ik alle kaarsjes aan. En dat waren er veel! Het is maar goed dat de brandweer nooit binnenviel op zo’n avond…
Ik werkte niet zo lang bij Johannus. Een jaar of drie, denk ik. Ik was jong en benieuwd wat er nog meer in de wereld te koop was. Ik nam ontslag. Kreeg afscheidscadeaus van mijn collega’s en van de dealers met wie ik echt een band had opgebouwd.
Afgelopen maandag was ik eventjes twintig jaar terug in de tijd. Richard en ik waren uitgenodigd voor het kerstconcert van Johannus Orgelbouw. Niet omdat ik een oud-medewerker ben, maar omdat Richard goed bevriend is met René, een van de huidige directeuren van het bedrijf.
Ik heb genoten. Van de acht mannen van Orpheus uit de Oekraïne met hun onwaarschijnlijk mooie, vaste stemmen. Van de andere professionele muzikanten. Muziek is kunst. Absoluut. De onrust gleed van mij af in die gezellig aangeklede concertzaal, op last van de brandweer versierd met elektrische lampjes in plaats van brandende kaarsjes. Het concert was een heerlijke afsluiter van mijn drukke decembermaand.
René & Danielle, Marco & Joyce, bedankt voor dit mooie kerstcadeau in de vorm van een ervaring. Bedankt voor deze ‘trip down memory lane’.
Vandaag schud ik de confetti uit m’n haar. Ik ruim slingers op, prik ballonnen lek en ontbijt met het laatste restje verjaardagstaart.

Overmorgen is het Kerst!

Moeder

zes

Ik vind het leuk, moeder zijn.
Als echtgenote voel ik me soms onzeker, als huisvrouw ben ik niet helemaal goed gelukt, als secretaresse kom ik niet altijd uit de verf en als vriendin laat ik nog wel eens een steekje vallen. Er is geen rol waarin ik me prettiger voel, dan die van moeder. Op mijn lijf geschreven.
Dat ík degene ben die mijn kinderen stuk voor stuk het beste kent, dat is mijn grootste schat. Dat ik voor hen belangrijk ben, dat ik door mijn doen en laten een enorme invloed heb op hun verdere leven, dat is heel wat. Ik voel die verantwoordelijkheid, maar hij drukt niet te zwaar.
Ik vind mijn kinderen lief. Ik knuffel ze graag. Elke dag wel eventjes. Ze zijn alle vier gevoelig. Hebben van hun vader en moeder voelsprieten geërfd. Voelsprieten die soms iets te lang zijn, iets te veel gericht op een ander. Maar beter zo, dan andersom.
Mijn kinderen maken me vaak aan het lachen. Soms een schaterlach, vaak een glimlach rechtstreeks uit mijn hart. Gevoel voor humor is heel persoonlijk. En belangrijk. Geweldig om te zien hoe ze alle vier hun eigen humor ontwikkelen.
Ik vind het best moeilijk, een goede moeder zijn.
Soms ben ik namelijk moe. Moe van de drukte om me heen, moe van mezelf. Moe van het moederen. Dan reageer ik verkeerd op situaties die zich voordoen. Ik trek me terug uit de onrust, terwijl ik de situatie zou moeten aangrijpen om mijn kinderen iets te leren over het omgaan met conflicten. Als ik daarvoor de energie niet heb, voel ik me schuldig.
Ik maak dagelijks fouten als moeder. Omdat ik mezelf meeneem, waar ik ook ga. Omdat ik moet roeien met de riemen die ik heb. Zo is het leven.
Ik zorg voor de veiligheid van mijn kinderen: Doe je lamp aan op de fiets. Steek je hand uit. Ga niet met vreemde jongens mee. Maak bewust gebruik van internet. Doe niet zo eng op die trampoline. Val niet van de trap.
Ik help mijn kinderen met hun huiswerk als ze er zelf niet uitkomen. Ik vind presteren beduidend minder belangrijk dan worden wie je in wezen bent. Een gelukkig en uitgebalanceerd mens. Met oog voor anderen. Ik hoop dat mijn kinderen tot hun recht komen, nu en te zijner tijd.

Mijn kinderen zijn niet heilig. Ook dát hebben ze van hun ouders geërfd. We hebben allemaal onze leuke én irritante kanten. Niets menselijks is ons vreemd.
Wij horen bij elkaar. Zijn afhankelijk van elkaar. We vormen een eenheid. Zijn door duizenden onzichtbare draadjes met elkaar verbonden.
Vandaag worden Laura en Ilse 10. Vorige week werd Pieter 13 en Renee 12. Het is mij een eer en een genoegen om hun moeder te zijn.
Er ging in mijn leven het een en ander mis, maar dat ik hier nu zit, 42 jaar oud, op de verjaardag van onze tweeling, achter mijn laptop, met tranen in mijn ogen, van dankbaarheid en verwondering, dat maakt me heel gelukkig.
Ik realiseer me dagelijks dat de tijd verstrijkt. Ik voel heel duidelijk mijn plek in de tijd, ónze plek in de tijd. Verleden tijd, tegenwoordige tijd… Ik ben benieuwd wat de toekomst brengt. Ooit gaan mijn kinderen het huis uit. Misschien gaan ze trouwen. Krijgen ze kinderen. Gaan ze reizen. Of loopt alles heel anders dan deze moeder zou willen. Pijnlijk anders.
Van de belangrijke lessen die ik ze meegeef, bid ik dat deze blijft hangen: Leef in het Licht. Blijf dicht bij God. Op je 15e, je 30e, je 50e, je 80e…
Ik kan niet in de toekomst kijken. Wat ons het komende jaar overkomt, daar weet ik niets van. Het maakt ook niet zo heel veel uit. Vandaag hebben we elkaar.

Immanuel. God met ons.
Goeie zondag!