Maandelijks archief: januari 2016

…dus ik zeg: ‘Huh?’

Door de stromende regen ben ik op weg naar Plein Zuid aan de Dr. Colijnstraat. Mijn vriendin Mascha heeft me gevraagd om langs te komen bij een project van het Wijkleerbedrijf om daar een stukje over te schrijven voor wijkkrant ’t Plein. Ik ben een beetje laat, dus ik baal ervan dat ik halverwege moet stoppen voor een auto die midden op de weg staat. Voor de auto ligt een fiets op de grond. Dan zie ik de verkleumde jonge vrouw die ernaast staat. Ze is duidelijk beduusd. Achter de ramen van de huizen staan mensen te kijken. Ze komen niet naar buiten om te helpen. De gedachte dat dat te maken heeft met de huidskleur van de jonge vrouw, probeer ik te onderdrukken. Ik vraag haar wat er is gebeurd. ‘Ik ben aangereden’, zegt ze. Ze wrijft over haar pijnlijke been. ‘En de mevrouw die in de auto zat, is net weggelopen. Haar hond zat ook in de auto en die is ze nu aan het uitlaten.’ Ik ben bang dat ik de jonge vrouw niet helemaal goed begrijp, dus ik zeg: ‘Huh…?’
Juist. De mevrouw die zojuist een ongeluk veroorzaakte, heeft haar slachtoffer alleen achtergelaten. Vreemd. We staan naast de fiets die klem zit onder de bumper van de auto. Ik vergoelijk het gedrag van de vrouw met de hond. Ze is vast erg geschrokken en daarom even uit de situatie ontsnapt. Even later komt ze aanlopen. Met haar hond.
‘Ja!’, zegt de vrouw als haar hond weer in de auto zit, ‘ze kwam zó hard uit die zijstraat fietsen…!’ Maar ja, de fietser kwam van rechts. Hoe hard zij ook fietste, de auto had haar voorrang moeten geven. Daar zijn we het gelukkig met z’n allen over eens. De vrouw van de auto heeft haar man gewaarschuwd. Hij wisselt telefoonnummers uit met de jonge vrouw. De fiets moet naar de fietsenmaker, dat is duidelijk. De man zal de rekening betalen.
Inmiddels ben ik te laat voor mijn afspraak, maar ik wil de jonge vrouw niet alleen achterlaten. ‘Ga even mee naar Plein Zuid. Dat is hier om de hoek. Dan drinken we daar even een kop thee,’ stel ik voor. Dat vindt ze een goed idee. Onderweg stellen we ons aan elkaar voor. Daar was het nog niet van gekomen.
Bij Plein Zuid worden we hartelijk ontvangen. We zijn inmiddels doorweekt en de hete thee en koffie doen ons goed. De jonge vrouw vertelt over haar dochtertje. Ze zegt dat ze geen werk heeft, maar wel graag iets zou willen doen, want de hele dag binnen zitten is niets voor haar. Wat een toeval dat we bij Veens zijn! Een organisatie die mensen wil vinden, versterken en verbinden. We bespreken wat Veens voor de jonge moeder zou kunnen betekenen. Ondertussen probeert een van de vrijwilligers haar fiets te repareren. Tevergeefs.
Als de thee op is, loopt de jonge vrouw met haar fiets aan de hand weg. In haar fietstas stopt ze een paar foldertjes over activiteiten van Veens.
Ik hoop dat haar fiets snel en probleemloos wordt gerepareerd. En ik hoop dat ze via Veens aansluiting vindt bij andere jonge moeders in de wijk. In haar geboorteland werkte ze in een kledingzaak. Misschien vindt ze een leuke vrijwilligersfunctie in die richting?
Het Wijkleerbedrijf en Veens. Twee voorbeelden van initiatieven in Veenendaal die mensen met elkaar verbinden. Met oog voor talenten, oog voor achtergronden, oog voor elkaar. Mooi werk!
Soms, zoals vandaag, ontstaan contacten heel spontaan.
Ik ben benieuwd hoe het de jonge vrouw en haar dochter verder zal vergaan. Gelukkig heb ik haar nummer. We hebben al geappt.