Maandelijks archief: april 2017

‘Maarre…’

 

Ik ben met vriendinnen uit eten. Heerlijk. Wij hebben nooit veel tijd en wijn nodig om ons gesprek op het niveau te krijgen waar wij ons thuis voelen. Intens en wezenlijk.

Als we over de afgelopen Paasdagen praten, komt het gesprek op de inhoud van Pasen. ‘Maarre… jij gelooft dus letterlijk dat Jezus is opgestaan uit de dood…?’ Uit de mond van mijn vriendin klinkt het dwaas. Dwazer dan toen ik onlangs vol overtuiging Pasen vierde in de kerk. Mijn vriendinnen kennen mij als een nuchter mens, sceptisch over alles wat niet met gezond verstand te verklaren is.

Ik leg mijn bestek neer, neem nog een slok van mijn wijn en denk even na. Ik begrijp dat het ongeloofwaardig klinkt, die opstanding uit de dood, dus ik draai er voorzichtig en behendig omheen. Die opstanding uit de dood maakt geloven misschien hoogdrempeliger dan nodig. Dus ik zeg: ‘Tja… Ik was er niet bij, 2000 jaar geleden. Mijn grootste geluk en enige zekerheid in het leven, is dat God mij vasthoudt. Voor mij is het niet zo heel belangrijk of alles wat in de Bijbel staat letterlijk is gebeurd. Waar het in de Bijbel om gaat, is liefde en respect.’

Geen woord van gelogen, maar het is een zwaktebod. Dat voel ik direct. Alsof ik, net als Petrus destijds, Jezus verloochen. Ik ben niet trots op mezelf. Waarom hecht ik zoveel belang aan mijn eigen beperkte verstand? God gaat mijn menselijke denkvermogen ver te boven. Misschien is het wel veel wijzer om dát te erkennen, dan om God te beperken tot wat ík vatten kan. Wijsheid, dat is toegeven dat je niet alles verklaren kan. Ik wil mezelf niet overschatten.

Dat een graankorrel die wij in de grond begraven uitgroeit tot een plant, vind ik heel logisch. Een graankorrel die gezaaid wordt, lijkt dood. We zien ‘m niet meer. Toch is er geen boer verbaasd als er op termijn nieuw leven groeit op de plek waar de graankorrel in de grond verdween. De graankorrel lijkt dood, wordt begraven en staat later op uit de aarde. In volle glorie. Ja, ik geloof dat de graankorrel letterlijk is opgestaan uit de dood.

Wat ik ook geloof, is dat een mens minstens evenveel waard is als een graankorrel. Vind ik het dan zo moeilijk om te geloven dat een mens die sterft en in de aarde wordt gezaaid, ook uitgroeit tot iets nieuws? Mooier en volmaakter dan hij of zij al was, misschien? In een vorm die ik niet kan bevatten, maar maakt het feit dat die vorm niet in mijn beperkte hoofd past, die vorm minder waard? Ik dacht ’t niet.

Vraag nog eens aan mij: ‘Maarre… jij gelooft dus dat Jezus letterlijk is opgestaan uit de dood…?’

‘Ja,’ zeg ik dan, ‘dat geloof ik.’ Niet omdat ik het kan verklaren, maar omdat ik ervan overtuigd ben dat er ook dingen gebeuren, hele mooie dingen, waar ik niet bij kan. Sommige kennis moet je niet opslaan in je hoofd, maar in je hart.

‘Lilian, heb jij Mij werkelijk lief…?’

Heer, U weet alles…

 

(Jan van Langevelde, je preken van gisteren raakten me. Bedankt.)

Krachtig & kwetsbaar

22 april 2017.
Het is vandaag precies een jaar geleden dat ik bij de Nederlandse Obesitas Kliniek liet onderzoeken of een maagverkleining voor mij een geschikte manier was om van mijn extreme overgewicht af te komen. Met een psycholoog, een arts en een diëtist sprak ik uitgebreid over mijn haat-liefde verhouding met eten. Ik woog 112 kilo.
Een paar weken na die screening kreeg ik per post een ‘voorlopig negatief advies’. In de brief werd mij geadviseerd om uit te zoeken op welke manier mijn eetgedrag verband hield met de chaos in mijn hoofd, de troep in mijn huishouden, mijn rommelige administratie en mijn hardnekkige uitstelgedrag. Kortom: mijn moeite om mijn leven een beetje overzichtelijk in te richten.
Vanaf het moment dat ik het teleurstellende negatieve advies van de kliniek in huis had, ging alles snel. Ik droogde mijn tranen, maakte een afspraak met een psycholoog en liet me grondig onderzoeken. Naar aanleiding daarvan ging ik op een mooie dag in juli 2016 i  gesprek met een psychiater. Het klikte tussen die man en mij. Na ons plezierige gesprek fietste ik via de apotheek naar huis. Ik kon gelijk beginnen: Ritalin, 4 x daags 10 mg.

Het effect was snel merkbaar. Het lukte me niet alleen om een wasje op te hangen, zonder mezelf op te jagen omdat ik het klusje zo saai vond, maar ik kon ook een reeks van acht getallen onthouden zonder me extreem te moeten focussen. Kleine veranderingen die mijn leven net iets makkelijker maakten.

Een verandering die minder klein was, was het effect van de medicatie op mijn eetgedrag. Na een jarenlang gevecht tegen mijn ongebreidelde eetlust, kon ik eindelijk zélf bepalen wat ik wel en niet in mijn mond stopte. Een openbaring. En een enorme opluchting.

Ik zat tussen mijn 20e en mijn 40e regelmatig bij een psycholoog om te achterhalen of mijn eetprobleem misschien psychisch was. Maar hoe diep ik ook groef, er kwam geen onverwerkt trauma boven dat mijn eetprobleem verklaarde. Ik ging haast aan mezelf twijfelen. Totdat ik met Ritalin begon, een middel dat iets doet met de dopaminespiegel in de hersenen. Van de ene op de andere dag verdwenen mijn eetbuien. Heel bijzonder.

Vandaag trek ik heel voorzichtig de conclusie dat mijn eetstoornis niet werd veroorzaakt door een psychisch probleem, maar door een chemisch mankement in mijn brein. Niet iedereen die te zwaar is, heeft een psychisch probleem of een chronisch gebrek aan discipline. Echt niet.

Het afgelopen jaar was een goed jaar voor mij. Ik ben heel dankbaar. Ik verloor kilo’s geestelijke en lichamelijke ballast en ging met een geduldige coach in gesprek over het structureren van mijn leven. Sommige simpele dingen als het maken van een boodschappenlijstje vind ik gewoon heel ingewikkeld. Het zij zo. Ik blijf een chaoot, maar wel eentje die nu, 35 kilo lichter, beter in haar vel zit dan voorheen.

Ja, ik ben tevreden. Ik was niet zo zeer op zoek naar een diagnose, als wel naar een oplossing voor mijn probleem. En die heb ik
gevonden. Ik ben blij. Ook voor Richard, die een chaotisch, impulsief mens als vrouw koos. En voor mijn kinderen, omdat ze tegenwoordig met twee dezelfde sokken naar school gaan. De hele familie vaart er wel bij.
Wat de toekomst brengt, weet niemand. We zullen zien. Maar vandaag voel ik me in m’n kwetsbaarheid sterker dan ooit. Goddank.