Vooroordelen

Het is vrijdagmiddag. De telefoon gaat. ‘Hallo, met Lilian,’ neem ik op. Aan de andere kant van de lijn noemt een vrouw haar naam en ze vertelt hoe ze aan mijn nummer is gekomen. ‘Want u bent die columnist van De Rijnpost, hè?’ besluit ze. ‘Ik schrijf inderdaad weleens een stukkie,’ reageer ik gevleid. ‘Dan heb ik de goeie,’ zegt de vrouw. ‘Moet u horen…’

De vrouw is verontwaardigd en ze praat snel. Ze hoopt dat ik haar kan helpen delen wat zij voelt en bedoelt. Ze vertelt over een man die ze laatst op een verjaardag ontmoette. Een man die het de hele avond zonder enige nuance had over ‘die zwarten’. Hij discrimineerde er tijdens de koffie met gebak lustig op los. Iedereen met een andere huidskleur dan hijzelf, werd door de man over één kam geschoren. Niks dan vooroordelen en hokjesdenken. ‘Mooie wereld wordt ’t als we iedereen die anders is dan wij zo benaderen. Tsss… Ik vond het zó frustrerend!’ zegt ze. ‘Het liefst was ik weggelopen. En mijn man zei achteraf: Had ’t toch gewoon gedaan! Was gegaan!’

Maar ja, je loopt niet weg bij een verjaardag terwijl de kaas en worst nog op tafel moet komen. Goed fatsoen weerhoudt ons ervan primair te reageren op wat we voelen. Vaak handig, maar soms jammer. De vrouw was gebleven. Ze had de man nog aangesproken op zijn kortzichtigheid. Knap! Mooi dat ze zich zo hartstochtelijk opwindt over onrecht.

Eigenlijk zouden we allemaal veel vaker moeten opstaan voor waar we in geloven. De kant kiezen van wie zich niet verweren kan. Gewoon weglopen van wat ons niet zint. Negativiteit de rug toekeren.

Aan het einde van ons telefoongesprek ontdekten we dat we vlakbij elkaar wonen, de vrouw en ik. Ik tikte dit stukje, belde bij haar aan, las het voor en vroeg: ‘Mag het zo in de krant?’ ‘Ja,’ zei ze tevreden. En we namen afscheid met drie zoenen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *